4702
 
christenen ondertekenden het manifest
 
 
 

Het licht gt niet uit!


Jan van Burgsteden (Rooms-Katholieke hulpbisschop in het bisdom Haarlem-Amsterdam)


Wat ik ook erg mooi vind, is dat er een doorbraak is gekomen op het gebied van over en weer bekennen dat er fouten zijn gemaakt. In onze Rooms-Katholieke kerk is dat berouw over bepaalde fouten uit het verleden uitgesproken. Onze vorige paus Johannes Paulus II, alsook onze huidige paus Benedictus XVI, hebben die fouten bekendgemaakt. Wij moeten dat niet verdoezelen. Niet iedere preek zit immers in de goeie plooi, een paar valse plooien zitten er altijd tussen.

Wie berouw uit over begane zonden en gemaakte fouten, doet dat zowel door woorden als door houding. Allereerst tegenover de Schepper, jouw God. Misschien gebeurt dat niet rechtstreeks, maar dan kan dat indirect, door berouw tegenover de mensen te tonen. Die twee vloeken nooit met elkaar. Berouw tegenover God is immers berouw aan mensen, en berouw aan mensen is berouw tegenover God. Dit te uiten is een teken van nederigheid en liefde. Tegelijkertijd maakt het ons bescheiden en bevordert het de samenspraak tussen de wereld en de kerken.

Ik wil twee voorbeelden noemen. Ik herinner me dat het rond het jubeljaar was, het jaar 2000, dat onze paus Johannes Paulus II tijdens een bezoek aan Isral en bij de Klaagmuur nadrukkelijk vergiffenis gevraagd heeft voor het antisemitisme in de geschiedenis van de Kerk en de vervolging van de Joden als gevolg daarvan. Onze huidige paus Benedictus XVI heeft ook gedurende zijn reis naar de Verenigde Staten en Australi nadrukkelijk spijt betuigd over fouten van priesters.
Als er fouten gemaakt zijn, is het belangrijk vergeving te vragen aan God en mensen. Door deze uitingen van berouw wordt de pijn van mensen erkend. Wie fouten kan vergeven, ontvangt zelf vrijheid en vergeving en geeft bevrijding aan degene die de fouten erkent. Deze spijtbetuigingen hebben direct onder de mensen die het betreft een werkende kracht en ook indirect naar de samenleving toe.

Voor ons land geldt momenteel dat wij in retraite zijn. Dat hebben wij blijkbaar nu nodig. Een dergelijke periode is altijd een tijd van bezinning, van verdieping en nieuwe wegen ontdekken. God werkt in zon tijdperk in het geestelijk leven van de mensen, van ieder persoonlijk en van de hele groep. Kijk naar de seizoenen, want in de natuurlijke gebeurtenissen zien wij een model van hoe God beweegt.
In andere landen lijkt het meer op Pinksteren zelf. Daar treedt de Kerk naar buiten en is zeker geen sprake van verlegenheid. Die beweging van Gods Geest is op dat moment nodig voor die groep, dat land, dat continent. Voor ons geldt dat niet, want wij hebben iets anders nodig, en God werkt dat bij ons uit.

We zitten nu middenin het winterseizoen en daar volgt automatisch de lente op. Ik weet niet precies wanneer de retraitetijd voorbij is, maar dat laat ik aan God over. Je moet echter de verschillende seizoenen niet uit elkaar trekken, want die hebben met elkaar te maken. Wanneer je de ontwikkelingen van de geestelijke staat van een land in seizoenen ziet bewegen en dat als een eenheid ziet, is er ook geen reden tot paniek.
Wij weten dat we niet panisch moeten reageren, want dan krijgen we een soort crisis, zoals we momenteel zien in de economie. Soms horen we verontrustende geluiden, bijvoorbeeld over gebouwen die moeten worden afgestoten, of wij horen dat mensen cynische opmerkingen maken, zoals wil de laatste het licht uitdoen? Maar het licht gt niet uit!