4698
 
christenen ondertekenden het manifest
 
 
 

‘God ziet in elke stad en dorp slechts één Kerk’


Hans Eschbach (Directeur van het Evangelisch Werkverband binnen de Protestantse Kerk in Nederland)


God ziet in elke stad en dorp slechts één Kerk. Er is maar één Lichaam van Jezus Christus, alle naambordjes hebben we zelf gemaakt.
Wij maken scheiding door onze denominaties. Daar komt de uitdrukking vandaan: ‘Eén Nederlander is een gelovige, twee Nederlanders vormen een kerk, drie Nederlanders zorgen voor een kerkscheuring.’ Er is in het verleden een sterk dogmatisme geweest. Je werd afgemeten op het onderschrijven van bepaalde dogma’s.

We dienen te beseffen dat wij samen de Kerk vormen. De bruidsgemeente moet klaar zijn voor de dag dat onze bruidegom komt, maar nu hebben we een gescheurd bruidskleed aan. Laten we zoeken naar eenheid in verscheidenheid, waarbinnen voor allerlei vormen ruimte is. Uniformiteit zou in mijn ogen zwakte zijn, omdat de Kerk juist sterk is door haar veelkleurigheid. Wij kunnen accenten leggen, maar niemand kan alleen de veelkleurigheid van Gods gemeente vertalen. We hebben elkaar nodig.

Wij zijn berucht om onze botheid en betweterigheid. Die schoolmeesterhouding zit ook in ons kerkelijk leven Wat zou het toch goed zijn als we daar eens mee ophielden. Ik zou kritisch kunnen zijn over de PKN, maar kies voor een positieve insteek, ook al weet ik wat er allemaal fout is. Als ergens een zwakke plek zichtbaar wordt, is het beter daar met een dienende houding op te reageren: hoe kan ik een beweging op gang brengen om die zwakke plek te versterken en te zorgen dat het daar goed gaat? Ik heb moeite met groepen die precies weten wat er bij een ander fout is. Als je iets niet goed vindt, moet je dat niet alleen afkraken en afbreken, maar er ook iets opbouwends tegenover zetten.
Stel dat je opmerkt dat er binnen de kerken nauwelijks geloofsgesprekken zijn – mensen gaan op zondag naar de kerk en weer naar huis, dan heb je het weer gehad voor een week -  ga daar dan niet met de vinger naar wijzen, maar help ze om de Bijbel ook in de huiskamer te openen. Dat doen we met onze Gemeente Groei Groepen, waarvan er zo’n 1.500 zijn binnen de PKN.

Als we de eenheid in Christus serieus nemen, zullen we als gelovigen naar elkaar toe moeten buigen. Voor evangelischen betekent het, dat ze zich moeten realiseren dat de Kerk ouder is dan hun gemeente. Ontken niet wat God gedaan heeft en doet in en door de Kerk van alle eeuwen.
Voor de Kerk betekent het, dat ze moet erkennen dat ze onderweg wel veel van de oorspronkelijke kracht van het Evangelie is kwijt geraakt. Hoe kan Gods Geest weer voluit de ruimte krijgen in het leven van de gemeente?

Ik heb al veel profetieën gehoord dat er opwekking komt in Nederland. Daar verlang ik naar, maar aan semi-profetische uitspraken doe ik niet mee. Ik gebruik liever het voorbeeld uit 2 Koningen 3 waar de profeet Elisa tijdens een grote droogte zegt dat er greppels moeten worden gegraven, omdat God een enorme hoeveelheid water zal sturen waarmee het hele dal gevuld zal worden. Het leger heeft dorst en er zijn geen aanwijzingen dat er water op komst is, maar toch beginnen ze in geloof greppels te graven in de woestijn. Zo werken wij ook in de kerk. We graven greppels, geïnspireerd door de belofte van God. Maar de ‘zegen-regen’ maken we niet zelf. Die wordt ons gegeven. Wij mogen greppels graven in het geloof dat God de Heilige Geest over ons land zal uitstorten. Dorsten we daarnaar? Tijdens het graven, maken we ook onderlinge verbindingen naar elkaar, zodat het water niet alleen in gemeente x of y zal stromen, maar door alle kerken heen, in het hele land!

Volgens mij gaat het type kerk zoals we vandaag de dag vaak zien verdwijnen: een bijeenkomst van gelovigen, waar iemand vooraan een lange preek staat te houden, waarna de kerkgangers weer naar huis gaan. De kerk van de toekomst wordt een netwerk van discipelschapskringen: huiskamergroepen waar samen het Woord wordt gelezen en besproken, waar geestelijk leven en geloof gebouwd wordt in een sfeer van vertrouwelijkheid, waar pastoraat en diaconaat plaatsvindt. Die kringen zullen de ruggengraat van de Kerk worden. Het is een Bijbels model, want ook Jezus sprak tot grote groepen mensen, maar het persoonlijke contact en pastorale werk gebeurde in de kring van discipelen.

Er gaan honderden kerken sluiten. Peter Sleebos van de VPE stelde voor om hier samen verantwoordelijkheid voor te nemen: is er samenwerking mogelijk? Laten we nieuwe kerkvormen zoeken of nieuwe gemeenten stichten en daarbij tegelijkertijd de gebouwen in stand houden. Die weg wordt momenteel vanaf de top van de kerk gestimuleerd, maar het grondvlak heeft het nog niet in de gaten. Elke plaatselijke gemeente heeft een bepaalde zelfstandigheid. De vraag is hoe dat open te breken, zodat er ‘een interconfessionele gemeente’ ontstaat, waar het niet meer gaat om mijn clubje, maar om de gemeente van Christus. Dat is een spannend avontuur!